Bedrijfsmobiliteit

Ook voor de andere vervoersmodi zijn er allerlei fiscale regels en stimuli vastgelegd. We beschrijven de volgende:
  • De fietsvergoeding
  • De bedrijfsfiets
  • Tussenkomst openbaar vervoer 
 
De fietsvergoeding
Om werknemers te stimuleren met de fiets naar het werk te komen, kunnen werkgevers een fietsvergoeding uitkeren. De werkgever is dus niet verplicht om deze uit te betalen. Deze vergoeding is tot €0,22 per km vrijgesteld van belasting en van RSZ. De werkgever kan zelf dit bedrag kiezen of een limiet op de afstand (woon-werk) plaatsen. De fietsvergoeding is 100% aftrekbaar voor de werkgever.
De fietsvergoeding is combineerbaar met het openbaar vervoer. Dus als de werkgever tussenkomt in bijvoorbeeld het treinabonnement van een werknemer, dan kan deze werknemer ook een fietsvergoeding krijgen. Dit mag echter niet over hetzelfde traject en voor dezelfde periode.
De fietsvergoeding mag ook ‘in cumul’ worden uitgekeerd bij het gebruik van een bedrijfsfiets (link).
 
De bedrijfsfiets
De werkgever kan ook een bedrijfsfiets ter beschikking stellen aan de werknemers van het bedrijf. Deze kunnen worden aangekocht of geleased. De bedrijfsfiets mag ook voor privé-verplaatsingen worden gebruikt.
De kosten die een werkgever betaalt om het fietsgebruik voor woon-werkverkeer aan te moedigen, mogen voor 120% in aftrek worden genomen. Het betreft volgende kosten:
Kosten voor het bouwen of verwerven van fietsenstallingen
Kosten voor kleedruimtes, sanitair en douches voor personeel dat met de fiets naar het werk komt
Aankoopkosten van een fiets inclusief toebehoren, onderhoud en herstelling. Fietsen moeten wel lineair over drie jaar worden afgeschreven
De bedrijfsfiets is cumuleerbaar met de fietsvergoeding. Deze bijkomende belastingvrije vergoeding is dan bedoeld voor de bijkomende kosten zoals fietskledij. Ook de combinatie met de bedrijfswagen is mogelijk. Het is wel van belang dat ten minste een gedeelte van het woon-werkverkeer in dat geval op regelmatige basis met de fiets wordt uitgevoerd.
 
In tegenstelling tot de fiscale wetgeving voorziet de RSZ-wetgeving geen specifieke vrijstelling voor het ter beschikking stellen van een bedrijfsfiets door een werkgever. De RSZ beschouwt het ter beschikking stellen van een bedrijfsfiets die gebruikt wordt voor woon-werkverplaatsingen en/of privé-verplaatsingen aan een werknemer inclusief toebehoren en beschermende kledij, als een voordeel in natura waarop RSZ-bijdragen verschuldigd zijn. Deze bijdragen moeten berekend worden op de reële waarde van dit voordeel. Er gelden geen forfaitaire waarderingsregels voor dit voordeel. Gelet op de fiscale vrijstelling kan worden verwacht dat in de toekomst de RSZ ook hierbij haar regels zal wijzigen naar een RSZ-vrijstelling. Indien de bedrijfsfiets uitsluitend wordt gebruikt voor dienstverplaatsingen zijn geen RSZ-bijdragen verschuldigd.
 
Vrijstelling vergoeding openbaar vervoer
Een werkgever kan tussenkomen voor de kosten van het trein- of busabonnement, bijvoorbeeld via het derdebetalerssysteem van de NMBS en De Lijn. Voor de werknemer is dit onbelast. De vergoeding moet wel worden ingevuld op de aangifte van de personenbelasting. Deze wordt dan vrijgesteld. Deze vergoeding is voor de werkgever 100% fiscaal aftrekbaar en vrij van RSZ.
Indien de werknemer kiest voor het invullen van de personenbelastingen op basis van werkelijke beroepskosten, dan moeten deze worden bewezen voor het openbaar vervoer en is er een limiet van 100 km per enkele woon-werkrit van kracht.
 
Collectief vervoer door de werkgever
De werkgever kan zelf vormen van collectief vervoer verzorgen voor de werknemers. Zo kan er bijvoorbeeld een shuttledienst worden ingelegd tussen de werklocatie en het station. De investeringen die hiervoor nodig zijn, zijn 120% fiscaal aftrekbaar.
 
Carpoolen
Ook carpoolers worden door de fiscus beloond. De voorwaarden zijn echter vrij complex. Hieronder volgt een beknopte weergave. 
De werknemer wordt vrijgesteld van de vergoeding die hij ontvangt van de werkgever, onder enkele voorwaarden:
  • Er bestaat een carpoolreglement in het bedrijf of sector
  • De werknemer ondertekent jaarlijks een verklaring
  • De werkgever controleert regelmatig
  • De fiscale fiche wordt correct ingevuld (vergoeding onder rubriek “16B” gemeenschappelijk georganiseerd vervoer).
  • De belastingsaangifte wordt correct ingevuld: Het bedrag dat je ontvangt, moet ook ingevuld worden onder rubriek 1255-06/2255-73 (vrijstelling). Het vrijgestelde bedrag mag echter niet groter zijn dan de prijs van een weekabonnement trein 1ste klasse, voor hetzelfde traject, vermenigvuldigd met het aantal gecarpoolde weken. In de praktijk wordt deze limiet zelden gehaald.
Als niet aan al deze voorwaarden kan worden voldaan, dan kan de werknemer toch nog van het fiscaal voordeel genieten, als hij kan bewijzen dat hij heeft gecarpoold, door bijvoorbeeld betalingsbewijzen van vergoeding aan de chauffeur te tonen. 
Voor personen met bedrijfswagens en personen die ervoor kiezen om  beroepkosten te bewijzen, zijn er speciale regelingen. Omwille van het hoge detailniveau verwijzen we hiervoor door naar de handleiding van Taxistop (link) worden gevonden.
 
Forfaitaire vrijstelling voor andere vervoermiddelen
Indien niet met één van de voorgaande vervoersmiddelen naar het werk komt, maar bijvoorbeeld alleen met de eigen wagen, dan heeft hij nog recht op een forfaitaire vrijstelling van €380. Dit bedrag moet worden ingevuld in rubriek 1255-06/2255-73 van de aangifte van de personenbelasting. Dit staat niet vermeld op de fiscale fiche. Deze vrijstelling kan niet gecombineerd worden met het bewijzen van beroepskosten. 
 
Met dank aan Dhr. Michel Willems van het fiscaal & mobiliteitsadviesbureau MOBILITAS (www.mobilitas.be) voor het nalezen en controleren van de juistheid van de gegevens.
Laatste update: 13 augustus 2014
 

Nieuws over dit thema

17/06/2016 - Eerder deze week heeft het Vlaams Instituut voor Mobiliteit het project ‘Intelligent Mobiliteitsbudget’ afgesloten. Het VIM onderzocht hoe een mobiliteitsbudget kan leiden tot een duurzamer verplaatsingsgedrag. Ook de nodige aanpassingen omtrent de fiscale regelgeving werden samen met strategische partner KPMG geanalyseerd. Proefproject met 123 werknemers
28/10/2015 - Gedurende een jaar hebben 70 werknemers uit 7 verschillende ondernemingen (BIVV, Ethias, Flexpoint, Janssen Pharmaceutica, Partena Ziekenfonds, Universiteit Gent en VAB) hun vertrouwd vervoermiddel ingeruild voor respectievelijk 61 gewone elektrische fietsen, 4 elektrische bakfietsen, 4 elektrische vouwfietsen en 3 elektrische scooters. Die tweewielers waren uitgerust met dataloggers om alle verplaatsingen te monitoren en via online- en smartphonebevragingen werd bijkomende informatie verkregen van de gebruikers. Voordelen